Thuisbegeleidingsdienst Meetjesland

KID aan huis.

KID aan huis: een Korte, Intensieve en Doelgerichte begeleiding aan huis van maximaal 6 maanden voor gezinnen en kinderen van 0 tot 18 jaar die zich in een problematische opvoedingssituatie bevinden.

 

1. Uitgangspunten

Het aanbod van ‘KID aan huis’ laat zich sturen voor wat de tijdsspanne (6 maanden), de intensiteit (wekelijks contact) en de doelgerichtheid (via fasering) betreft, maar beoogt voor de rest maximaal vraaggestuurde hulpverlening te zijn.
Er wordt vertrokken vanuit een wens tot verandering bij het gezin, waarbij tijdens de begeleiding een zeer centrale rol wordt gegeven aan de gezinnen: zij krijgen de regie van de hulpverlening in handen en er wordt vertrokken vanuit wat zij als probleem aanreiken.

Er wordt gezinsgericht gewerkt: de hulpverlening richt zich op het gezin als geheel en de doelstellingen moeten leiden tot een verbetering van de interacties tussen de gezinsleden.

Er wordt uitgegaan van een oplossingsgerichte benadering: de hulpverlener ondersteunt vooral de vaardigheden in het gezin vanuit de overtuiging dat de oplossingen van de problemen voornamelijk in het gezin, bij de gezinsleden zelf, moet worden gezocht, dat er eerst en vooral voldoende aandacht moet zijn voor wat goed loopt, voor het positieve, en dat het versterken van de aanwezige of ontwikkelde vaardigheden het meest kans maakt tot succes.

 

2. Doelgroep – (contra)indicaties

De doelgroep voor ‘KID aan huis’ bestaat uit gezinnen waarbij de consulent thuisbegeleiding zinvol acht, maar ook inschat dat de verwachtingen van het gezin kans maken ingelost te worden met een intensieve, doelgerichte aanpak binnen het tijdsbestek van een half jaar.

De doelstellingen dienen voor de gezinsleden te liggen bij een verbeterd samenleven waarbij de mogelijkheid en bereidheid aanwezig zijn om dat te bereiken middels te werken aan de interacties binnen het gezin.

De thuisbegeleiding is gericht op de opvoeding in het gezin. Opvoedingsproblemen kunnen zeker gezien worden in hun context. We gaan niet voorbij aan de omstandigheden (financieel, woonst,…) waarin het gezin zich bevindt, aan de individuele problemen van zowel ouders als kinderen, aan het aanwezige of ontbrekende netwerk. Toch wordt er op gewezen dat door de beperkte tijdsspanne en door het vooral gericht zijn op het activeren van het gezin zelf, er rond deze gezinsaspecten geen zeer gespecialiseerde zorg of opdracht kan worden opgenomen door de thuisbegeleiding.

In dit kader kan het zinvol zijn om bij volgende bedenkingen stil te staan, zonder ze als harde criteria te willen hanteren: Is de aangereikte hulpverlening een vraag van het gezin zelf of eerder door het gezin aanvaard na veel onderhandeling? Lopen de verwachtingen en de analyse van het gezin en die van de consulent enigszins gelijk? Zijn er sterk uiteenlopende en tegenstrijdige verwachtingen tussen de gezinsleden? Is er absolute weigering om met de hulpverlening mee te werken vanwege één of meerdere gezinsleden? Vragen specifieke problemen eerst een aparte aanpak vooraleer er kan worden stilgestaan bij de gezinsinteracties? Is er naar tijdsinvestering voldoende mogelijkheid en bereidheid om intensief met de thuisbegeleiding samen te werken gedurende een half jaar?

Als enige duidelijke contra-indicatie geldt de inschatting dat de basisveiligheid voor alle gezinsleden niet of onvoldoende gewaarborgd is.

 

3. Verloop en methodiek          

In de gefaseerde hulpverlening zal er met veel zorg in de eerste 6 weken tot 2 maanden een heel goede inventaris worden gemaakt van ieders klachten, verwachtingen en wensen om te komen tot een einddoel waar iedereen kan achterstaan en dat liefst interactioneel geformuleerd is: doelstellingen waar iedereen  een bijdrage toe moet leveren.

In de hoofdfase van de begeleiding (+/- 4 maanden) zal dit einddoel worden vertaald in concretere werkdoelen waarvoor telkens methodieken en opdrachten zullen worden gezocht. Dit zal telkens worden geëvalueerd en kan leiden tot een bijsturing van de doelen.

In een laatste fase worden de vooropgestelde doelstellingen geëvalueerd en wordt ook bekeken in welke mate het gezin versterkt uit de begeleiding is gekomen. Bijvoorbeeld: Is hun vertrouwen in hun eigen probleemoplossend vermogen toegenomen? Kunnen ze het geleerde zelfstandig toepassen en eventueel generaliseren naar andere situaties?

 

4. Samenwerking met de verwijzer

Bij de opstart van de begeleiding vragen we aan de consulent om ten aanzien van het gezin en de thuisbegeleiding het kader van de doorverwijzing en zijn/haar verwachtingen naar ondersteuning te schetsen.

We wensen de verwijzer voor een 2e keer uit te nodigen tussen de 6e en de 10e week, om met het gezin de gekozen doelen voor te stellen en om te verhalen over voorlopige evoluties en vooruitzichten.

Op deze gelegenheid zal ook afgesproken worden wat en hoe het verloop van de begeleiding voort zal gerapporteerd worden.

Uiteindelijk willen we rond de 5e maand begeleiding een eindbespreking voeren om met het gezin de verwijzer uitvoerig te informeren over de evoluties in het gezin en de eventuele overblijvende vragen.

Schriftelijke verslaggeving brengen we onder de vorm van een handelingsplan (binnen 45 dagen begeleiding) en een combinatie evolutie- en eindverslag tijdens de 6e en laatste begeleidingsmaand.

 

5. Coördinaten

Coördinator TBM: Vicky Cauwels, e-mail: vicky@blijleven.be

Contactpersoon voor ‘KID aan huis’: Kris Vanthuyne, e-mail: kris@blijleven.be

E-mail algemeen: tbm@blijleven.be

Adres: Leopoldlaan 7, 9900 Eeklo

Telefoon: 09-218 99 40

Fax: 09-218 99 49